|
home
- Muurkaatsen a.k.a. 1-wall handball
Wat
is muurkaatsen? Muurkaatsen of "one-wall
handball" is op zijn simpelst gezegd squash op een baan met
alleen een frontmuur, waarbij de bal in plaats van met een
racket met de hand of vuist wordt geslagen.
Het kan één-tegen-één of twee-tegen-twee
worden gespeeld. Het is de bedoeling de bal met de hand of vuist vanuit
de opslagzone via de muur in ontvangstzone te brengen. De tegenpartij moet
dan proberen de bal voor de tweede stuit opnieuw via de muur in het
speelveld te slaan. Als één van de beide partijen er niet in slaagt de
bal geldig te retourneren, dan heeft de andere partij de rally gewonnen.
Muurkaatsen
wordt rondom op de wereld gespeeld. Dat
is niet zo vreemd. Het enige wat je
nodig hebt om dit
flitsende spelletje te spelen is een
muur en een bal.
Sinds eind 2005 staat het muurkaatsen
bij de KNKB op de agenda. In het
winterseizoen biedt zij haar leden een
compleet indoor-programma aan, met trainingen,
toernooien en competities.
In Europa wordt 1-wall in een 8-tal
landen in georganiseerd verband
beoefend: België, Frankrijk, Engeland,
Wales, Ierland, Italië en Spanje hebben
net als Nederland het 1-wall omarmd als
2e kaatstak.
One-wall
handball wordt gespeeld binnen alle
internationale kaatsorganisaties: de
CIJB waarbij de KNKB is aangesloten, de
Baskische koepelorganisatie en de
WHC, waarin de Angelsaksische landen
zijn verenigd. Ook de Engelse
Fives-organisaties zijn regelmatig op
internationale toernooien present. In een aantal landen zonder
kaatstraditie is het spelletje ook "ontdekt"
en wordt het enthousiast beoefend.
Accomodaties
Het
aantal accomodaties met officiële one-wall banen in Nederland is
nog beperkt maar groeit gestaag: de
Harnehal
in Tzummarum (2 banen) en
De Trije in
Franeker (4 banen), Bloemketerp in Franeker (2 buitenbanen),
Kimswert (1 baan), De Greidhoeke Easterein (3 banen), Jirnsum (1 baan en 4
minibanen). Verder zijn er nog een aantal privé accomodaties. In
een aantal gemeenten waar nieuwbouw of renovatie van sporthallen
op stapel staat, zullen een aantal banen worden gerealiseerd. De
KNKB
beschikt bovendien over een mobiele (dubbele) kaatsmuur. In een
aantal dorpen en steden in Fryslân zijn
inmiddels buitenbanen beschikbaar, zodat
er het hele jaar naar hartelust kan
worden gespeeld.
Er zijn planty gelegenheden waar zonder al te veel kosten kaatsbanen kunnen worden
gerealiseerd. In vrijwel elk dorp of wijk is wel een
sportzaal of sporthal te vinden waar met eenvoudige aanpassingen
kaatsbanen kunnen worden gerealiseerd. Eén vrije binnen- of
buitenmuur van ruim 6 meter, de juiste belijning aanbrengen en
er kan worden gespeeld. Om het spelletje eens uit te proberen moet
je maar wat kreatief zijn met afmetingen, spelregels en materiaal.
Het
Materiaal
Wat
heb je voor dit spel nodig?
Rubberen ballen (en eventueel kaatswanten en een
veiligheidsbril of gogle.) Via
www.muurkaatsen.nl kun je
de in Amerika veel gebruikte Big Blue
(zie foto) bestellen. Ze kosten per paar
€ 5,-- (exclusief verzendkosten). Om het
spel eens uit te proberen kun je ook
prima uit de voeten met een tennisbal.
Iets
over techniek
en tactiek
De
opslag
De variatie
in techniek bij het muurkaatsen is groot. De opslag mag
zowel onderhands, bovenhands als
zijwaarts worden uitgevoerd, naar keuze
met de open hand of met de vuist. De
meeste spelers kiezen voor een diepe
opslag, maar ook een opslag waarbij de
bal vlak over korte lijn scheert, kan
effectief zijn. Met variatie in snelheid
en plaatsing voorkom je dat de
tegenstander grip op je serve krijgt.
Door de zwakke hand van je tegenstander
te bestoken, creëer je voor je zelf een
voordeel, zowel bij de serve als in de
rally.
De
return
De return
op de serve speel je het beste diep en hoog.
Je voorkomt daarmee dat de serveerder je
return kan afstraffen met een lage bal
(het zogenaamde kill-shot) én je hebt
zelf tijd om een gunstige positie in het
veld in te nemen. De gunstigste
positie is altijd het centrum van het
speelveld, terwijl je probeert
je tegenstander daar vandaan te houden
of te krijgen.
De
winner
Om een
rally af te maken zijn een aantal
technieken beschikbaar: Het kill-shot,
laag op de muur, waarbij je het best een
zijwaartse slag kunt gebruiken. Deze
techniek gebruik je wanneer de
tegenstander de bal laag heeft
geplaatst, maar je kunt een hoge bal ook
zover laten "zakken" dat je deze slag
kunt benutten. Een andere mogelijkheid
is de lob. Wanneer de tegenstander zo
dicht bij de muur staat dat hij/zij een
bal in het achterveld normaliter niet
meer kan belopen, dan kan een onder- of
bovenhands uitgevoerde lob een krachtig
wapen zijn. Wanneer één van de zijkanten
van het veld open ligt, dan is een harde
passeerslag, zijwaarts of onderhands
uitgevoerd doorgaans een prima "winner".
Een door de tegenstander zwak gespeelde,
langzame bal maak je het beste af met
een smash-achtige slag.
De
taakverdeling
Bij het
dubbelspel is het een voordeel om met
een rechts- en linkshandige speler in
het veld te staan. De linkshandige
bestrijkt daarbij de rechterkant van het
veld en de rechtshandige de linkerkant.
Je kunt dan de meeste ballen met de
sterkste hand spelen. En: spreek goed af
wie welk deel van het veld bestrijkt.
De
duik
Als
noodgreep zul je af en toe naar een bal moeten duiken. Probeer daarbij te
voorkomen dat je hardhandig met knieen,
elleboog, pols of heup op het speelveld
terecht komt. Dat kan door altijd drie
steunpunten te houden: je tenen en een
hand die je ter hoogte van je borst
onder je lichaam plaatst.
Het
trainen van je zwakke hand
Je ontkomt er niet aan: bij one-wall
handball moet je geregeld je zwakke,
minder ontwikkelde hand gebruiken. In
het begin zal dat best lastig zijn, maar
zoals bij elke technische sport baart
ook hier oefening kunst. Het afwisselend
spelen van de bal met links en rechts,
waarbij je de slag met je zwakke hand
steeds spiegelt aan de slag met je
sterke hand, is een prima oefening. Het
voetenwerk is daarbij belangrijk: sla je
met links dan sta je met rechts voor en
andersom. Zolang je zwakke hand nog
minder ontwikkeld is, kun je daarmee het
beste een verdedigende slag proberen te
slaan: de bal hoog op de muur brengen.
|